Home Kennisplein Wat is een goed participatieproces bij aardgasvrije wijkprojecten?

Wat is een goed participatieproces bij aardgasvrije wijkprojecten?

Participatie moet! Een veelgehoorde uitspraak om bij veranderingen voldoende draagvlak te creëren. Nu gemeenten voorbereidingen treffen voor het opstellen van wijkuitvoeringsplannen om over te gaan naar aardgasvrije wijken, is het de vraag hoe je een participatieproces goed kunt inrichten. Wat zijn de belangrijkste uitgangspunten voor een succesvol participatieproces? En hoe betrek je wijkbewoners op een slimme manier bij hun warmtetransitie. Naar aanleiding van het webinar Participatie Aardgasvrije Wijken van het Expertiseteam Aardgasvrije Wijken Overijssel vertellen drie specialisten op dit terrein over hun kennis en ervaringen bij wijkaanpakken in Overijssel.

Duidelijkheid en verbinding

Robert Jansen, buurtprocesbegeleider van Buurkracht, gaat in op het maken van buurtplannen en de inrichting van buurtteams. Buurkracht faciliteert en ontzorgt buurtteams met allerlei tools om verbinding te leggen tussen bewoners en hun stakeholders, met name de gemeente, om daarmee een vertrouwensband op te bouwen. “Zorg voor een duidelijk afgebakend en behapbaar proces. Dan weten bewoners wat en wanneer ze iets kunnen verwachten en ook wanneer iets van hen wordt verwacht,” stelt Robert. “Ook voor de gemeente is het belangrijk te weten wat er leeft in de wijk en wat bewoners willen. Door het gesprek aan te gaan breng je partijen dichter bij elkaar. Er ontstaat meer verbinding met de gemeente en dat maakt het proces gemakkelijker.”

Verschillende types samen in buurtteam

Een buurtteam werkt het beste als het bestaat uit een mix van verschillende type personen. Doordat deze types elkaar aanvullen en in balans houden, kun je rekenen op een goed resultaat. De types die je nodig hebt in je buurtteam zijn:

  • Een verbinder – iemand met een netwerk en actief is in de wijk en daarbuiten
  • Een ondernemer – een leidende figuur die de kar trekt
  • Een techneut – iemand die kennis en inzicht heeft in technische mogelijkheden

Tussentijds evalueren

Hoe kun je je buurtteam succesvol laten functioneren in een aardgasvrij wijkproject? En wat doe je als de aanpak niet het gewenste resultaat lijkt op te leveren? “Meebewegen is belangrijk binnen de energietransitie. Het is een groot en ingewikkeld proces met veel veranderingen en aanpassingen tussentijds. Verwachtingen van bewoners en gemeenten veranderen, nog even los van Corona. Evalueren is altijd van belang maar in dit proces nog meer. Zijn de verwachtingen nog hetzelfde bij alle stakeholders of moeten ze worden bijgesteld om tot  het gewenste resultaat te komen. Hierop moet je als professional voortdurend anticiperen,” zegt Robert Jansen.

Medezeggenschap en transparantie

Wendy Oude Vrielink, projectleider bij Natuur en Milieu Overijssel, vertelt over de aanpak van participatie in wijken op weg naar aardgasvrij. Medezeggenschap en transparantie zijn daarbij de sleutelwoorden. “Maar hoe je je participatie inzet, is maatwerk. Er is geen standaard aanpak,” is ze van mening. “Je moet altijd rekening houden met hoe bewoners en andere belangrijke stakeholders het traject ervaren, de omstandigheden, het moment en de manier van communiceren.

Verschillende treden op de participatieladder

“Participatie in aardgasvrije wijken is anders dan bijvoorbeeld wind- en zonproject in de buurt, omdat er ook echt iets van de bewoner zelf wordt gevraagd in zijn eigen huis, ”legt Wendy uit. “Op het niveau van uitvoering van maatregelen zijn bewoners en gebouweigenaren altijd mede-eigenaar van het project en daarom een belangrijke stakeholder. Automatisch heeft deze betrokkenheid een hogere trede op de participatieladder dan bij de beleidsparticipatie. Daarbij komt meedenken of adviseren vaker voor, terwijl bij de praktische uitvoering van het project coproductie en meebeslissen noodzakelijk is. De participatieladder helpt om vooraf helder te maken hoe je participatie gaat inzetten. Bedenk wel dat er in het proces altijd verschillende groepen mensen op verschillende momenten op verschillende plekken van de ladder staan. Sommige hoog, anderen willen vooral geïnformeerd worden. Duidelijkheid over wat je van mensen vraagt en wat je van elkaar verwacht, is erg van belang”.

Wat vinden bewoners echt belangrijk?

De eerste participatiestap is de vraag aan de bewoners wat ze belangrijk vinden. Kom niet direct met technische mogelijkheden of oplossingen, maar inventariseer wat de kernwaarden zijn, zoals een veilige buurt, betaalbare warmtevoorziening of een gezonde omgeving. Ga ook na waar bewoners zelf zeggenschap over willen hebben, en wat ze van de gemeente verwachten. Daarvoor is een enquête geschikt. Bij vorming van een beleidsplan kan een klankbordgroep de bewoners vertegenwoordigen en feedback leveren aan de gemeente. De samenstelling moet wel een evenwichtige afspiegeling zijn van de groep, dus ook van bewoners die weinig affiniteit hebben met het thema duurzame energie.

Actieve en minder-enthousiaste bewoners

Vaak is er een actieve koplopergroep, maar die vertegenwoordigt niet de hele wijk. Sommige mensen vinden het minder interessant om mee te denken en zeggen ‘ik heb er geen verstand van’ of ‘het komt wel goed zonder mij.’ Ook deze mensen moeten weten wat er speelt en regelmatig geïnformeerd worden over de voortgang van het project. Daarom is het aan te bevelen conclusies uit de klankbordgroep, resultaten van enquêtes en informatie over vorderingen en afspraken te delen met het hele dorp of wijk. Zorg ervoor dat terug te vinden is waarom bepaalde keuzes zijn gemaakt. Dat voorkomt dat mensen achteraf zeggen: ‘ik wist het niet’ en de hele discussie opnieuw begint. Openheid en transparantie is belangrijk voor het vertrouwen.”

Inventariseren van sociale knooppunten

Om de juiste participatieaanpak in te zetten vertelt Martijn Wubbolts, projectleider bij Natuur en Milieu Overijssel (NMO), over hoe je sociale knooppunten in kaart brengt. Om het publiek te bereiken, moet je weten waar je mensen treft. Sociale knooppunten zijn de plekken waar de mensen te vinden zijn, zowel fysiek als digitaal, zoals winkelcentra, scholen, sportclubs en alle online kanalen. Welke plekken zijn relevant in de wijk? “Voor het project in Oldenzaal ben ik letterlijk bij de sigarenboer in het winkelcentrum naar binnen gestapt om dat te vragen. Dat bleek toevallig eveneens de voorzitter van de winkeliersvereniging. Ook kwam ik in contact met de voorzitter van de moskee. Deze sleutelfiguren geven toegang tot hun netwerk in de wijk. Zorg voor een goede afspiegeling van de bevolking. Dat geldt ook voor online. Waar speelt het leven zich af en wat speelt er? De online kanalen geven een goed beeld van wat er omgaat in de wijk en je bereikt andere leeftijdsgroepen.”

Aansprekende sociale experimenten  

“Door actief contact te leggen geef je als gemeente ook een positief signaal af dat je echt met de wijkbewoners wilt samenwerken. Daarnaast kun je mensen bereiken met ‘sociale experimenten’, zoals  het herinrichten van speel- en ontmoetingsplekken of groen in de buurt,” is de ervaring van Martijn. “Deze bevorderen de sociale cohesie en leefbaarheid in de wijk of buurt1. Bovendien kun je via laagdrempelige activiteiten, zoals straatevents, barbecues of realiseren van ontmoeting dichtbij hun eigen woning en voor alle leeftijden, wijkbewoners goed bereiken en contacten leggen voor je project. Ook social media kanalen en Whatsapp groepen zijn essentieel om gemakkelijk kennis te maken met wijkbewoners.”

Hoe krijg je mensen in beweging?

“Ieder mens heeft een band met zijn eigen omgeving. Het gaat er ook om hoe je je boodschap brengt2.” Martijn geeft als voorbeeld: “Als je spreekt over gedeelde leefruimte in plaats van openbare ruimte, ontstaat er een gemeenschappelijk gevoel. Het is iets van de buurt samen en geen afstandelijk stukje grond van de gemeente. Sluit daarom aan bij de leefwereld van de bewoners en wees transparant over het budget. Maak daarom duidelijke afspraken over bijvoorbeeld onderhoud en zelfwerkzaamheid. Het is ook belangrijk om rekening te houden met het tempo van de bewoners en ze ook te vertellen wat niet mogelijk is in het project. Als je eerlijk bent en met elkaar afspreekt hoe we het gaan doen en waarom, dan ontstaat er begrip en kun je samen met wijk mooie resultaten bereiken.”

Zelf aan de slag en meer weten over participatie bij aardgasvrije wijkprojecten

In februari 2021 heeft Nieuwe Energie Overijssel een webinar georganiseerd over participatie. De presentatie van deze online bijeenkomst kun je hier downloaden: Presentatie Webinar Participatie 16-2-2021

Contactpersonen:

Robert Jansen, buurtprocesbegeleider Buurkracht
Telefoon: 06 – 213 05 862
E-mail:  robert@buurkracht.nl

Wendy Oude Vrielink, projectleider bij Natuur en Milieu Overijssel (NMO)
Telefoon: 038 – 42 50 964
E-mail: oudevrielink@natuurenmilieuoverijssel.nl

Martijn Wubbolts, projectleider bij Natuur en Milieu Overijssel (NMO)
Telefoon: 038- 42 50 999
E-mail: wubbolts@natuurenmilieuoverijssel.nl

Contactpersoon bij Nieuwe Energie Overijssel

Voor informatie over Aardgasvrije Wijken kunt u terecht bij het Expertiseteam van Nieuwe Energie Overijssel: Oscar Jansen, Adviseur aardgasvrije wijken

Telefoon: 06 – 174 14 947

E-mail: o.jansen@overijssel.nl

 

Meer informatie over participatie in de energietransitie